|
Reacties op dit dossier |
|
|
De overheid kan opvoeders steunen bij het bewust omgaan met de media. In het Regeerakkoord van februari 2007 stond dat er een expertisecentrum moet komen dat kinderen en jongeren, hun ouders en leerkrachten ondersteunt bij het leren omgaan met de veelheid van media-uitingen. In 2008 is het Mediawijsheid Expertisecentrum opgericht; meer informatie vindt u op http://mediawijsheidexpertisecentrum.nl.
Daarnaast is de overheid actief met het programma 'Digibewust en digivaardig'. Het doel van dit samenwerkingsverband tussen bedrijfsleven en overheid is om het aantal mensen dat niet of nauwelijks digitale vaardigheden heeft terug te brengen en het verantwoord en veilig gebruik van digitale middelen te stimuleren. Het programma richt zich daarbij op 'digibeten', jongeren en hun opvoeders (ouders en docenten), midden- en kleinbedrijven en senioren. In 2009 is de website Mijndigitalewereld ontwikkeld als onderdeel van 'Digivaardig en digibewust'.
In 2009 is een derde overheidsinitiatief gestart: een project om systematisch geschiktheidsinformatie te geven. De Kijkwijzer en PEGI geven ouders en kinderen informatie over de mogelijke schadelijkheid van mediaproducties voor kinderen onder een bepaalde leeftijd. Maar ouders willen ook weten welke dvd's, games of programma's juist geschikt zijn voor hun kinderen. Met de geschiktheidsadviezen komt die informatie gestructureerd via internet beschikbaar. Een deskundige redactie maakt objectieve beschrijvingen en houdt rekening met de ontwikkeling en het mediagebruik van kinderen van verschillende leeftijden. Het is de bedoeling dat ouders reageren op de adviezen en daarmee andere ouders ook helpen met het kiezen van geschikte mediaproducten. Het project is op 1 september 2009 gestart als proefproject voor drie jaar. Het project wordt gefaciliteerd door het Nederlands Instituut voor de Classificatie van Audiovisuele Media (NICAM), dat ook de Kijkwijzer en PEGI beheert.
Meer informatie vindt u op de website van Kijkwijzer.
Naast de drie initiatieven van de overheid die rechtstreeks op ouders gericht zijn, zijn er ook initiatieven voor professionals in de jeugdsector. Slechts een van die initiatieven heeft tot doel om professionals hulp te kunnen laten bieden aan ouders. Dat is het themapakket 'Het digitale kind.com' van TOP-punt, een samenwerkingsverband van vier organisaties in de jeugdsector die themamaterialen rond opvoeden en opgroeien ontwikkelen. Met het themapakket kunnen professionals in de jeugdgezondheidszorg, de kinderopvang, het onderwijs, het welzijnswerk en de jeugdzorg zelfstandig een bijeenkomst over kinderen en computers verzorgen voor ouders van 4- tot 14-jarige kinderen.
Meer informatie over 'Het digitale kind.com' vindt u op de website van TOP-punt.
Een andere activiteit voor professionals is de opleiding tot mediacoach. Dit is een post-hbo- opleiding, die wordt georganiseerd door de non-profitorganisatie Nationale Academie voor Media & Maatschappij. Het doel van deze organisatie is het verbeteren van de mediawijsheid van professionals die met kinderen en jongeren werken. De opleiding richt zich onder anderen op mediatheek- en bibliotheekmedewerkers, leerkrachten en PABO-studenten. Na het volgen van de opleiding is de mediacoach in staat om op didactisch verantwoorde wijze mediaprojecten te initiƫren die de mediawijsheid van kinderen en jongeren verbeteren. De training is dus uiteindelijk gericht op het mediagebruik door kinderen en niet zozeer op de media-opvoeding door ouders.
Meer informatie vindt u op de website Nationale Opleiding MediaCoach.
In Zwolle biedt de NHL Hogeschool de masteropleiding 'mediapedagogiek'. Na de deeltijdstudie van twee jaar moet de pedagoog een zinvolle verbinding kunnen maken tussen opvoeding, onderwijs en nieuwe media. De studie richt zich zowel op de theorie als op de praktijk.
Meer informatie over mediapedagogiek vindt u op de website van de NHL Hogeschool.