
De Gezinswijzer
Kennis over gezinnen en gezinsbeleid.
Over opvoeden gesproken (2010)
Boek met overzicht van methoden van opvoedingsondersteuning.
Opvoedingsondersteuning (2009)
Handreiking voor Centra voor Jeugd en Gezin.
Triple P
Methode van positief opvoeden die het Nederlands Jeugdinstituut verspreidt.
Bent u professional in de jeugdsector? Wij stellen uw reactie op dit dossier op prijs.
|
|
PPG heeft tot doel de opvoedkundige competenties te versterken van ouders die zijn vastgelopen in de opvoeding en de balans tussen draagkracht en draaglast te herstellen. Onder deze competenties worden verstaan: het probleemoplossend vermogen van de ouders, toezicht houden op hun kind, de interactie met hun kind en op het opvoedkundig handelen.
De hulp van PPG is gericht op gezinnen met kinderen tussen 0 en 18 jaar waarbij de ouders problemen ervaren met de opvoeding en de omgang met hun kind. Vaak is die problematiek meervoudig en richt de hulp zich op de gedragsproblemen van het kind, hoe de ontwikkeling te stimuleren en over de sociale relaties binnen het gezin. Daarnaast richt PPG zich op specifieke doelgroepen als: gezinnen waarvan (een van) de ouder(s) een licht verstandelijke handicap heeft, multi probleemgezinnen, gezinnen met ouder(s) met psychiatrische problematiek en gezinnen met ouders uit andere culturen.
De thuisbegeleider van PPG verleent de hulp bij het gezin thuis. Hij bezoekt het gezin eens per week één tot anderhalf uur, de hulp duurt over het algemeen vijftien tot twintig weken. De vragen en problemen van de ouders zijn het uitgangspunt van de hulp. De hulp van PPG is opgedeeld in een aantal fasen met duidelijke evaluatiemomenten. In de taxatiefase kijkt de thuisbegeleider wat er aan de hand is en wat die vragen precies zijn. In de veranderingsfase wordt aan de doelen gewerkt. De hulp van PPG is praktisch en handelingsgericht, de thuisbegeleider zoekt met de ouders naar praktische en hanteerbare oplossingen voor de problemen. Hij heeft hiervoor allerlei methodische verrichtingen tot zijn beschikking die afhankelijk van de vragen worden ingezet. Het voeren van een effectief gesprek is hiervan een belangrijk bestanddeel. De ouders en de thuisbegeleiders werken als gelijkwaardige partners samen in de hulp, de thuisbegeleider werkt competentiegericht en legt de nadruk op wat wel werkt en de eigen hulpbronnen van de ouders. PPG heeft daarnaast oog voor de mate waarin de ouders terug kunnen vallen op sociale steun vanuit de omgeving.
De methodiek van PPG en de onderliggende uitgangspunten zijn beschreven in een methodiekhandleiding. Ook zijn daarin de begeleidingsbehoeften van een aantal specifieke doelgroepen vastgelegd.
Het enige beschikbare onderzoek naar PPG is een quasi-experimenteel onderzoek naar verschillende vormen van ondersteuning aan ouders met een verstandelijk gehandicapt kind. PPG is in dit onderzoek vergeleken met een niet behandelde controlegroep. Het onderzoek laat geen effecten zien op de afname van de opvoedingsstress van de ouders en de gedragsproblemen van de kinderen. Er is wel een toename in de sociale en zelfredzaamheidsvaardigheden van de behandelde kinderen. Ook is er een toename van de zelfwaardering van de ouders, een afname van de concrete problemen en een verminderd gevoel van sociale isolatie bij de ouders. Het onderzoek zegt niets over de belangrijkste doelstelling van PPG, namelijk of de opvoedingscompetenties van de ouders zijn toegenomen.
Praktisch Pedagogische Gezinsbegeleiding (PPG) (html, printversie)
Hogeschool Utrecht, Centrum voor Social Work
Contractbureau: Alfred Volkers of Coby van Dijk
Postbus 512
3800 AM Amersfoort
T: (033) 421 25 68
E: alfred.volkers@hu.nl.
Panel Jeugdzorg d.d. 27/02/2007
Oordeel: Theoretisch goed onderbouwd